De strijd tegen economische uitbuiting in België is de voorbije jaren duidelijk geïntensiveerd, onder meer door strengere strafrechtelijke handhaving en meer aandacht voor mensenhandel in arbeidscontexten. In de praktijk blijkt echter dat niet alle vormen van ernstige uitbuiting onder de huidige strafrechtelijke definities vallen.
Uit academische analyses blijkt dat er een “grijze zone” bestaat tussen sociale inbreuken en mensenhandel. Werknemers kunnen zwaar uitgebuit worden, bijvoorbeeld via onderbetaling, slechte huisvesting of extreme afhankelijkheid, zonder dat voldaan is aan de strikte voorwaarden voor mensenhandel in de strafrechtelijke zin.
De spraakmakende zaak rond Borealis illustreert hoe grootschalige sociale fraude en uitbuiting zich in complexe internationale ketens kunnen voordoen. Tegelijk toont deze zaak de moeilijkheid om dergelijke feiten juridisch correct te kwalificeren.
Met de hervorming van het Strafwetboek wordt geprobeerd om deze lacunes beter op te vangen. Toch blijft het volgens experts essentieel om verder te werken aan een juridisch kader dat ook deze tussenvormen van uitbuiting effectief kan aanpakken.
Hier vindt u het volledige artikel.





