Overheidsopdrachten | Rechtspraak
Recente rechtspraak bevestigt dat een offerte niet per definitie (substantieel) onregelmatig is wanneer inschrijvers hun kosten voor de uitvoering van de opdracht over verschillende posten van de inventaris gespreid en/of geclusterd hebben.
Aanbestedende overheden en inschrijvers die zich afvragen of een gespreide dan wel geclusterde prijsopgave automatisch tot een substantiële onregelmatigheid van de offerte leidt, kunnen hiervoor antwoorden vinden in een reeks recente uitspraken van de Raad van State, het hof van beroep te Antwerpen en de ondernemingsrechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen.
In een relatief recent arrest aanvaardde de Raad van State dat een aanbestedende overheid in het kader van haar prijsonderzoek combinatie (clustering) van de eenheidsprijzen van logisch samenhangende posten mag aanvaarden ter verantwoording van schijnbaar abnormale eenheidsprijzen die voor bepaalde posten werden ingediend. Een gelijkaardige redenering werd aanvaard door de ondernemingsrechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, nl. het combineren (clusteren) van eenheidsprijzen in een prijsonderzoek is niet per definitie onwettig en een (schijnbaar) abnormale eenheidsprijs kan worden verantwoord in het licht van een clustering met de eenheidsprijzen die voor andere posten van de inventaris werden ingediend. Het hof van beroep Antwerpen bevestigde zeer recent die beoordeling van de ondernemingsrechtbank en oordeelde dat een clustering van verschillende eenheidsprijzen logisch en redelijk (en dus niet per definitie onwettig) kan zijn wanneer de betrokken posten inhoudelijk verweven zijn.
Recent vatte de Raad van State samen dat het clusteren van prijzen voor verschillende posten van de opmetingsstaat, waarbij de inschrijver dus voor één (of meerdere) van de onderscheiden posten geen afzonderlijke prijs opgeeft, niet per definitie tot de onregelmatigheid van de offerte leidt, wanneer
- het bestek niet dwingend heeft voorgeschreven dat voor de betrokken post een afzonderlijke prijs opgegeven moet worden;
- de inschrijver concreet en onderbouwd kan verantwoorden waarom de betrokken post naar prijszetting toe verbonden is met een andere post en
- de kostprijs voor alle voorziene posten wel degelijk gedekt is in prijzen van de meetstaat.
Evenwel is dit geen vaststaand gegeven en blijft het regelmatigheidsonderzoek een feitelijke beoordeling waarbij de aanbestedende overheid over een ruime appreciatiebevoegdheid beschikt, zowel op grond van de artikelen 35 en 36 KB Plaatsing als van het zorgvuldigheidsbeginsel. Een gespreide of geclusterde prijsopgave is niet de regel, doch leidt zulke handelingswijze niet automatisch tot een (substantiële) onregelmatigheid van de offerte. Dit op voorwaarde dat er een logisch verband bestaat tussen de betrokken posten, de clustering geen schijnbaar abnormale prijzen maskeert en het het bestek zulke prijsopgave niet uitdrukkelijk verbiedt.
Het betreffen onderscheiden uitspraken, gekenmerkt door verschillende feiten, doch kan men uit deze verschillende uitspraken concluderen dat de reflex om te veronderstellen dat het spreiden en/of clusteren van prijzen over verschillende posten van de inventaris per definitie aanleiding geeft tot een substantiële onregelmatigheid van de offerte niet correct is.
Aanbestedende overheden dienen zulke prijsopgave telkens te beoordelen op basis van de concrete situatie.
Geert Dewachter
Expertengroep Bouwrecht





