Cassatie bevestigt: schenking kan beding ten behoeve van een derde bevatten
22 april 2026

In een arrest van 13 februari 2026 verduidelijkt het Hof van Cassatie de fiscale en juridische gevolgen van een beding ten behoeve van een derde in het kader van een schenking.

De zaak draaide rond een vader die een schenking deed aan twee van zijn drie zonen, met de verplichting voor deze begiftigden om na zijn overlijden een deel van de geschonken goederen over te dragen aan hun broer.

De vraag was of deze constructie moest worden beschouwd als een beding ten behoeve van een derde, en dus onderworpen kon zijn aan de regels van het Wetboek der successierechten.

Het Hof bevestigt dat dit het geval is. Doorslaggevend is dat de derde, in dit geval de broer, een eigen recht verkrijgt op basis van de overeenkomst, los van zijn hoedanigheid als erfgenaam. Hij kan dus zelf de uitvoering van de verbintenis afdwingen.

Dat de schenker beoogde om zijn drie kinderen gelijk te behandelen, en dat de derde sowieso erfgenaam was, doet daar geen afbreuk aan.

Meer informatie vindt u hier.